"Toch is het belangrijk te beseffen dat PBM niet het startpunt, maar juist het eindpunt zijn van verantwoord arbobeleid"
Pelagic Freezer Trawler Association (PFA)
COR BLONK

Conclusie
Persoonlijke beschermingsmiddelen spelen een onmisbare rol in de bescherming van werknemers, maar alleen binnen het juiste kader. De arbeidshygiënische strategie en de arbeidsomstandighedenwetgeving maken duidelijk dat echte veiligheid begint bij het wegnemen van risico’s aan de bron. PBM vormen daarbij de laatste, maar soms noodzakelijke, verdedigingslinie. Door deze volgorde te respecteren, ontstaat niet alleen een veiligere werkplek, maar ook een duurzamer en professioneler veiligheidsbeleid.

laatste verdedigingslinie op de werkvloer
Persoonlijke beschermingsmiddelen: 

"echte veiligheid begint bij het wegnemen van risico’s aan de bron. PBM vormen daarbij de laatste, maar soms noodzakelijke, verdedigingslinie" 

Foto: KNRM

Verantwoord gebruik in de praktijk
Wanneer PBM noodzakelijk zijn, stelt de Arbowet duidelijke eisen. De werkgever moet geschikte middelen verstrekken, afgestemd op het risico en op de drager. Daarnaast is instructie verplicht: werknemers moeten weten wanneer, hoe en waarom zij PBM gebruiken. Ook onderhoud en vervanging zijn cruciaal; versleten of vervuilde middelen verliezen hun beschermende werking.

Voor werknemers geldt op hun beurt de plicht om PBM daadwerkelijk te gebruiken en zorgvuldig met de middelen om te gaan. Veilig werken is immers een gedeelde verantwoordelijkheid.

Waarom PBM de laatste stap zijn
Persoonlijke beschermingsmiddelen beschermen de werknemer, maar nemen het gevaar niet weg. Bovendien zijn ze sterk afhankelijk van correct gebruik. Een veiligheidsbril die niet goed aansluit, een masker dat verkeerd wordt gedragen, handschoenen die niet tijdig worden vervangen of een reddingsvest waarvan kruisband niet wordt gebruikt, bieden schijnveiligheid.

Daarbij kunnen PBM belastend zijn: ze kunnen het werk zwaarder maken, het zicht beperken of het comfort verminderen. Dit vergroot de kans dat ze niet consequent worden gebruikt. Juist daarom benadrukt de wetgever dat PBM nooit een excuus mogen zijn om bron- of collectieve maatregelen achterwege te laten.

De wet is daarbij helder: risico’s moeten bij voorkeur bij de bron worden aangepakt. Pas wanneer dat niet mogelijk is, mogen aanvullende maatregelen worden ingezet. Persoonlijke beschermingsmiddelen zijn daarbij toegestaan, maar uitsluitend als andere oplossingen onvoldoende bescherming bieden.

De arbeidshygiënische strategie als leidraad
De arbeidshygiënische strategie is het denkraam dat helpt bij het maken van de juiste keuzes in risicobeheersing. Deze strategie bestaat uit een vaste volgorde van maatregelen:

  • Bronaanpak
    Het wegnemen van het gevaar zelf, bijvoorbeeld door een schadelijke stof te vervangen door een minder gevaarlijk alternatief of door een lawaaiige machine te vervangen.

  • Collectieve technische maatregelen
    Denk aan afzuiginstallaties, geluidsisolatie of fysieke afschermingen die meerdere werknemers tegelijk beschermen.

  • Organisatorische maatregelen
    Zoals het beperken van blootstellingsduur, taakroulatie of het aanpassen van werkprocessen.

  • Persoonlijke beschermingsmiddelen
    Pas wanneer bovenstaande stappen onvoldoende effect hebben, komen PBM in beeld.

Deze volgorde is niet vrijblijvend. Ze weerspiegelt het principe dat structurele oplossingen duurzamer en betrouwbaarder zijn dan bescherming die afhankelijk is van individueel gedrag.

Persoonlijke beschermingsmiddelen beschermen de werknemer, maar nemen het gevaar niet weg

In veel sectoren, van bouw en industrie tot zorg en zeevaart, zijn persoonlijke beschermingsmiddelen (PBM) niet meer weg te denken. Helmen, handschoenen, veiligheidsbrillen en ademhalingsbescherming vormen vaak het meest zichtbare onderdeel van arbeidsveiligheid. In de maritieme sectoren komt daar het reddingsvest nog eens bij. Toch is het belangrijk te beseffen dat PBM niet het startpunt, maar juist het eindpunt zijn van verantwoord arbobeleid. Dat uitgangspunt ligt verankerd in de Nederlandse arbeidsomstandighedenwetgeving met als onderdeel daarvan de arbeidshygiënische strategie.

Wettelijk kader: zorgplicht en preventie
De Arbeidsomstandighedenwet (Arbowet) verplicht werkgevers om te zorgen voor veilige en gezonde arbeidsomstandigheden. Die zorgplicht gaat verder dan het simpelweg beschikbaar stellen van beschermingsmiddelen. Werkgevers moeten risico’s systematisch in kaart brengen via een risico-inventarisatie en -evaluatie (RI&E) en vervolgens maatregelen nemen om deze risico’s te beheersen.

Doe ook mee met
veilig werken op zee!

Doe mee met Veilig Werken op Zee en help ons de belangrijke boodschap over veiligheid verder te verspreiden. We zijn op zoek naar bedrijven, schepen en werknemers die hun ervaringen willen delen. Jouw verhaal kan anderen inspireren en bewust maken van de cruciale rol die veiligheid speelt in ons werk. Of je nu een succesverhaal hebt of een les geleerd uit een bijna-ongeval, jouw bijdrage kan het verschil maken. Vul het formulier in en sluit je aan bij onze missie om de zee een veiligere werkplek te maken voor iedereen.

Foto: KNRM

Pelagic Freezer Trawler Association (PFA)
COR BLONK
"Toch is het belangrijk te beseffen dat PBM niet het startpunt, maar juist het eindpunt zijn van verantwoord arbobeleid"

Foto: KNRM

Foto: KNRM

"echte veiligheid begint bij het wegnemen van risico’s aan de bron. PBM vormen daarbij de laatste, maar soms noodzakelijke, verdedigingslinie" 

Persoonlijke beschermingsmiddelen beschermen de werknemer, maar nemen het gevaar niet weg

laatste verdedigingslinie op de werkvloer
Persoonlijke beschermingsmiddelen: 

Verantwoord gebruik in de praktijk
Wanneer PBM noodzakelijk zijn, stelt de Arbowet duidelijke eisen. De werkgever moet geschikte middelen verstrekken, afgestemd op het risico en op de drager. Daarnaast is instructie verplicht: werknemers moeten weten wanneer, hoe en waarom zij PBM gebruiken. Ook onderhoud en vervanging zijn cruciaal; versleten of vervuilde middelen verliezen hun beschermende werking.

Voor werknemers geldt op hun beurt de plicht om PBM daadwerkelijk te gebruiken en zorgvuldig met de middelen om te gaan. Veilig werken is immers een gedeelde verantwoordelijkheid.

Waarom PBM de laatste stap zijn
Persoonlijke beschermingsmiddelen beschermen de werknemer, maar nemen het gevaar niet weg. Bovendien zijn ze sterk afhankelijk van correct gebruik. Een veiligheidsbril die niet goed aansluit, een masker dat verkeerd wordt gedragen, handschoenen die niet tijdig worden vervangen of een reddingsvest waarvan kruisband niet wordt gebruikt, bieden schijnveiligheid.

Daarbij kunnen PBM belastend zijn: ze kunnen het werk zwaarder maken, het zicht beperken of het comfort verminderen. Dit vergroot de kans dat ze niet consequent worden gebruikt. Juist daarom benadrukt de wetgever dat PBM nooit een excuus mogen zijn om bron- of collectieve maatregelen achterwege te laten.

De wet is daarbij helder: risico’s moeten bij voorkeur bij de bron worden aangepakt. Pas wanneer dat niet mogelijk is, mogen aanvullende maatregelen worden ingezet. Persoonlijke beschermingsmiddelen zijn daarbij toegestaan, maar uitsluitend als andere oplossingen onvoldoende bescherming bieden.

De arbeidshygiënische strategie als leidraad
De arbeidshygiënische strategie is het denkraam dat helpt bij het maken van de juiste keuzes in risicobeheersing. Deze strategie bestaat uit een vaste volgorde van maatregelen:

  • Bronaanpak
    Het wegnemen van het gevaar zelf, bijvoorbeeld door een schadelijke stof te vervangen door een minder gevaarlijk alternatief of door een lawaaiige machine te vervangen.

  • Collectieve technische maatregelen
    Denk aan afzuiginstallaties, geluidsisolatie of fysieke afschermingen die meerdere werknemers tegelijk beschermen.

  • Organisatorische maatregelen
    Zoals het beperken van blootstellingsduur, taakroulatie of het aanpassen van werkprocessen.

  • Persoonlijke beschermingsmiddelen
    Pas wanneer bovenstaande stappen onvoldoende effect hebben, komen PBM in beeld.

Deze volgorde is niet vrijblijvend. Ze weerspiegelt het principe dat structurele oplossingen duurzamer en betrouwbaarder zijn dan bescherming die afhankelijk is van individueel gedrag.

In veel sectoren, van bouw en industrie tot zorg en zeevaart, zijn persoonlijke beschermingsmiddelen (PBM) niet meer weg te denken. Helmen, handschoenen, veiligheidsbrillen en ademhalingsbescherming vormen vaak het meest zichtbare onderdeel van arbeidsveiligheid. In de maritieme sectoren komt daar het reddingsvest nog eens bij. Toch is het belangrijk te beseffen dat PBM niet het startpunt, maar juist het eindpunt zijn van verantwoord arbobeleid. Dat uitgangspunt ligt verankerd in de Nederlandse arbeidsomstandighedenwetgeving met als onderdeel daarvan de arbeidshygiënische strategie.

Wettelijk kader: zorgplicht en preventie
De Arbeidsomstandighedenwet (Arbowet) verplicht werkgevers om te zorgen voor veilige en gezonde arbeidsomstandigheden. Die zorgplicht gaat verder dan het simpelweg beschikbaar stellen van beschermingsmiddelen. Werkgevers moeten risico’s systematisch in kaart brengen via een risico-inventarisatie en -evaluatie (RI&E) en vervolgens maatregelen nemen om deze risico’s te beheersen.

Foto: KVNR

Doe mee met Veilig Werken op Zee en help ons de belangrijke boodschap over veiligheid verder te verspreiden. We zijn op zoek naar bedrijven, schepen en werknemers die hun ervaringen willen delen. Jouw verhaal kan anderen inspireren en bewust maken van de cruciale rol die veiligheid speelt in ons werk. Of je nu een succesverhaal hebt of een les geleerd uit een bijna-ongeval, jouw bijdrage kan het verschil maken. Vul het formulier in en sluit je aan bij onze missie om de zee een veiligere werkplek te maken voor iedereen.

Doe ook mee met
veilig werken op zee!
JACOB TAS
"Samen maken we de zee
een veilige en productieve plek voor iedereen"

Volledig scherm