Foto: KNRM
“Als je als leidinggevende open bent over je eigen ervaringen, geeft dat anderen ook ruimte. En als dat niet bij je past: veroordeel dan in elk geval niet degene die er wél woorden aan wil geven”
Foto: KNRM
Foto: KNRM
Dankbaar werk
Zelf ben ik nooit direct betrokken geweest bij een ongeval. Maar ik mag dichtbij komen in de zwaarste momenten van iemands leven. Het werk is nooit saai, altijd intens en ik ervaar het als heel dankbaar.
Soms is het goed ergens bewust geen rol in te spelen. Toen ik zelf net een kindje had gekregen, heb ik bijvoorbeeld aangegeven dat ik tijdelijk geen rouwbehandeling kon geven voor het verlies van een kind. Dat werd door mijn werk gerespecteerd. Ook dat is belangrijk: erkennen dat je eigen grenzen er toe doen.
Samen sterk
Wat ik uiteindelijk iedereen op zee zou willen meegeven: je hoeft geen eelt op de ziel te kweken om dit werk te doen. Je bent een mens, en als mensen kun je geraakt worden. Maar met steun, ruimte en een gezonde cultuur genezen we ook weer. Het maakt je geen minder sterke zeeman of vrouw - het maakt je menselijk. En juist daarin schuilt de echte kracht.
Cultuur is de basis
De moeilijkste, maar ook de belangrijkste stap, zit in de cultuur. Het begint met de overtuiging dat het níét vreemd is als je geraakt bent door een incident. Dat je mag praten, dat er ruimte is. En dat er ook respect is voor degene die níét wil praten. Iedereen verwerkt op zijn eigen manier.
Leidinggevenden spelen daarin een cruciale rol. Het mee-signaleren als het met iemand niet goed gaat en dat bespreekbaar maken. Niet door in te vullen wat goed zou zijn voor de ander, maar door te vragen. Gewoon: “Hoe gaat het met je?” En door zelf het goede voorbeeld te geven. Als je als leidinggevende open bent over je eigen ervaringen, geeft dat anderen ook ruimte. En als dat niet bij je past: veroordeel dan in elk geval niet degene die er wél woorden aan wil geven.
Ik merk dat de cultuur in een hoop sectoren langzaam verandert. Vroeger was openheid ‘soft’, nu zien steeds meer organisaties dat het juist kracht is. Maar cultuurverandering kost tijd.
Een goed reddingsmiddel maakt het verschil
Een mens in zee is ongelooflijk moeilijk te vinden. Zeker als niemand precies weet wanneer het is gebeurd. Een reddingsvest alleen is dan vaak niet genoeg. Dat besef werd voor mij – en voor de sector – pijnlijk duidelijk begin jaren 2000, toen KNRM’er Hans Westenberg tijdens een nieuwjaarsstorm overboord sloeg. Wij kennen Hans persoonlijk. Hij dacht zelf dat het voorbij was tot hij merkte dat zijn lampje nog werkte. Dat kleine licht gaf hoop. Uiteindelijk werd hij door een helikopter gevonden en gered. Dat moment liet zien hoe dun de lijn is tussen leven en dood. En hoe groot het verschil dat een goed reddingsmiddel kan maken.
Sindsdien is er technisch enorm veel gebeurd. Communicatie op zee is betrouwbaarder geworden, noodsignalen zijn geautomatiseerd en met AIS is het mogelijk om niet alleen schepen, maar ook mensen in nood zichtbaar te maken. Persoonlijke noodbakens, geïntegreerd in reddingsvesten, zorgen ervoor dat iemand die overboord valt direct gelokaliseerd kan worden. Niet alleen door het eigen schip, maar door álle schepen in de omgeving.
“Ervaring geeft vertrouwen, routine maakt gemakzuchtig. Totdat het leven verandert. Opeens voelde verantwoordelijkheid anders. Niet alleen voor mezelf, maar ook voor de mensen die op mij wachten”
Mijn naam is Carla Hogeweg en ben sinds 1987 actief in maritieme communicatie- en veiligheidsapparatuur. Mijn man, met wie ik ons bedrijf run, is technisch onderlegd. Ik doe meer de commerciële kant van onze organisatie. Maar los van die rollen delen we één overtuiging: werken op zee kan alleen verantwoord worden als persoonlijke beschermingsmiddelen en reddingsmiddelen serieus worden genomen. Die overtuiging komt niet uit een handboek. Die komt echt uit ervaring.
Gemakzucht door ervaring
Toen ik zelf begon met varen, voelde ik me eerlijk gezegd onoverwinnelijk. Een reddingsvest? Dat droeg ik vrijwel nooit. Dat gevoel herken ik bij veel mensen op zee: ervaring geeft vertrouwen, routine maakt gemakzuchtig. Totdat het leven verandert. Bij mij gebeurde dat toen ik kinderen kreeg. Opeens voelde verantwoordelijkheid anders. Niet alleen voor mezelf, maar ook voor de mensen die op mij wachten.
Ik stelde mezelf een simpele maar confronterende vraag: als ik nu overboord zou vallen, wat gebeurt er dan? Ziet iemand het? Weet iemand dat ik weg ben? En zelfs als dat zo is: hoe vinden ze mij terug?
veilig werken op zee!
Doe mee met Veilig Werken op Zee en help ons de belangrijke boodschap over veiligheid verder te verspreiden. We zijn op zoek naar bedrijven, schepen en werknemers die hun ervaringen willen delen. Jouw verhaal kan anderen inspireren en bewust maken van de cruciale rol die veiligheid speelt in ons werk. Of je nu een succesverhaal hebt of een les geleerd uit een bijna-ongeval, jouw bijdrage kan het verschil maken. Vul het formulier in en sluit je aan bij onze missie om de zee een veiligere werkplek te maken voor iedereen.
Foto: KNRM
Foto: KNRM
Foto: KNRM
“Als je als leidinggevende open bent over je eigen ervaringen, geeft dat anderen ook ruimte. En als dat niet bij je past: veroordeel dan in elk geval niet degene die er wél woorden aan wil geven”
“Ervaring geeft vertrouwen, routine maakt gemakzuchtig. Totdat het leven verandert. Opeens voelde verantwoordelijkheid anders. Niet alleen voor mezelf, maar ook voor de mensen die op mij wachten”
Dankbaar werk
Zelf ben ik nooit direct betrokken geweest bij een ongeval. Maar ik mag dichtbij komen in de zwaarste momenten van iemands leven. Het werk is nooit saai, altijd intens en ik ervaar het als heel dankbaar.
Soms is het goed ergens bewust geen rol in te spelen. Toen ik zelf net een kindje had gekregen, heb ik bijvoorbeeld aangegeven dat ik tijdelijk geen rouwbehandeling kon geven voor het verlies van een kind. Dat werd door mijn werk gerespecteerd. Ook dat is belangrijk: erkennen dat je eigen grenzen er toe doen.
Samen sterk
Wat ik uiteindelijk iedereen op zee zou willen meegeven: je hoeft geen eelt op de ziel te kweken om dit werk te doen. Je bent een mens, en als mensen kun je geraakt worden. Maar met steun, ruimte en een gezonde cultuur genezen we ook weer. Het maakt je geen minder sterke zeeman of vrouw - het maakt je menselijk. En juist daarin schuilt de echte kracht.
Cultuur is de basis
De moeilijkste, maar ook de belangrijkste stap, zit in de cultuur. Het begint met de overtuiging dat het níét vreemd is als je geraakt bent door een incident. Dat je mag praten, dat er ruimte is. En dat er ook respect is voor degene die níét wil praten. Iedereen verwerkt op zijn eigen manier.
Leidinggevenden spelen daarin een cruciale rol. Het mee-signaleren als het met iemand niet goed gaat en dat bespreekbaar maken. Niet door in te vullen wat goed zou zijn voor de ander, maar door te vragen. Gewoon: “Hoe gaat het met je?” En door zelf het goede voorbeeld te geven. Als je als leidinggevende open bent over je eigen ervaringen, geeft dat anderen ook ruimte. En als dat niet bij je past: veroordeel dan in elk geval niet degene die er wél woorden aan wil geven.
Ik merk dat de cultuur in een hoop sectoren langzaam verandert. Vroeger was openheid ‘soft’, nu zien steeds meer organisaties dat het juist kracht is. Maar cultuurverandering kost tijd.
Een goed reddingsmiddel maakt het verschil
Een mens in zee is ongelooflijk moeilijk te vinden. Zeker als niemand precies weet wanneer het is gebeurd. Een reddingsvest alleen is dan vaak niet genoeg. Dat besef werd voor mij – en voor de sector – pijnlijk duidelijk begin jaren 2000, toen KNRM’er Hans Westenberg tijdens een nieuwjaarsstorm overboord sloeg. Wij kennen Hans persoonlijk. Hij dacht zelf dat het voorbij was tot hij merkte dat zijn lampje nog werkte. Dat kleine licht gaf hoop. Uiteindelijk werd hij door een helikopter gevonden en gered. Dat moment liet zien hoe dun de lijn is tussen leven en dood. En hoe groot het verschil dat een goed reddingsmiddel kan maken.
Sindsdien is er technisch enorm veel gebeurd. Communicatie op zee is betrouwbaarder geworden, noodsignalen zijn geautomatiseerd en met AIS is het mogelijk om niet alleen schepen, maar ook mensen in nood zichtbaar te maken. Persoonlijke noodbakens, geïntegreerd in reddingsvesten, zorgen ervoor dat iemand die overboord valt direct gelokaliseerd kan worden. Niet alleen door het eigen schip, maar door álle schepen in de omgeving.
Mijn naam is Carla Hogeweg en ben sinds 1987 actief in maritieme communicatie- en veiligheidsapparatuur. Mijn man, met wie ik ons bedrijf run, is technisch onderlegd. Ik doe meer de commerciële kant van onze organisatie. Maar los van die rollen delen we één overtuiging: werken op zee kan alleen verantwoord worden als persoonlijke beschermingsmiddelen en reddingsmiddelen serieus worden genomen. Die overtuiging komt niet uit een handboek. Die komt echt uit ervaring.
Gemakzucht door ervaring
Toen ik zelf begon met varen, voelde ik me eerlijk gezegd onoverwinnelijk. Een reddingsvest? Dat droeg ik vrijwel nooit. Dat gevoel herken ik bij veel mensen op zee: ervaring geeft vertrouwen, routine maakt gemakzuchtig. Totdat het leven verandert. Bij mij gebeurde dat toen ik kinderen kreeg. Opeens voelde verantwoordelijkheid anders. Niet alleen voor mezelf, maar ook voor de mensen die op mij wachten.
Ik stelde mezelf een simpele maar confronterende vraag: als ik nu overboord zou vallen, wat gebeurt er dan? Ziet iemand het? Weet iemand dat ik weg ben? En zelfs als dat zo is: hoe vinden ze mij terug?
Foto: KVNR
Doe mee met Veilig Werken op Zee en help ons de belangrijke boodschap over veiligheid verder te verspreiden. We zijn op zoek naar bedrijven, schepen en werknemers die hun ervaringen willen delen. Jouw verhaal kan anderen inspireren en bewust maken van de cruciale rol die veiligheid speelt in ons werk. Of je nu een succesverhaal hebt of een les geleerd uit een bijna-ongeval, jouw bijdrage kan het verschil maken. Vul het formulier in en sluit je aan bij onze missie om de zee een veiligere werkplek te maken voor iedereen.
veilig werken op zee!
een veilige en productieve plek voor iedereen"